Regels en voorschriften

Enkele praktische regels die van belang zijn bij bouwen en renoveren.


Er wordt geen volledig overzicht gegeven, enkel wat praktisch het meest van toepassing is wordt weergegeven.  Andere voorschrijften zijn o.a. de arbeidswetgeving, de watertoets, specifieke voorschriften voor bijvoorbeeld trappen en borstweringen, liften, stooklokalen, garages en ventilatie in het algemeen, de veiligheidscoördinatie en vele, vele andere.

Stedenbouwkundige voorschriften

Gewestplannen

Als basis geldt de gewestplannen, elk stukje grond in België is ingekleurd en aan de hand van de kleur is bepaald wat je ermee kan doen

Woonparken : woongebeiden waar het de bedoeling is nog een gedeelte natuur te behouden, belangrijkste regel is een minimale grootte van de percelen van 2500 m2, bebouwde oppervlakte (op de grond) van maximaal 250 m2. 

Woongebieden : bedoeld voor het wonen en andere bestemming, grotere bebouwingsdichtheid. 

Zonevreemd : bepaalde gebieden zijn niet bestemd als woongebied, toch mag er gebouwd worden en zijn er strenge beperkingen aan de grootte ; de beperking is relatief, onze uitzonderingsregel komt in Nederland overeen met de norm.

Gemeentelijke voorschriften

Grotere gemeentes leggen eigen voorschriften op ; in Antwerpen is dat de “Codex”.  Vaak staan daar nog verouderde regels in.

Bijzondere plannen van aanleg

Worden opgesteld door de overheid die met inspraak van de bevolking algemene regels vastlegt voor wat mogelijk is in een zone ; vervolledigen en specifiëren de voorschriften van het gewestplan.  Onder modaliteiten kan afgeweken worden van de voorschriften.

Verkavelingen

Verkavelingen gaan in principe niet uit van de overheid maar van een eigenaar die een perceel verdeeld in meerdere loten om apart te verkopen.  De voorschriften zijn een vorm van een wederzijds akkoord tussen alle eigenaars ; afwijken van de voorschriften kan alleen mits het akkoord van de andere eigenaars in de verkaveling.  In praktijk wordt via het kadaster een lijst opgevraagd van alle eigenaars die allen persoonlijk en aangetekend aangeschreven worden.

De voorloper van de verkaveling is een feitelijke verdeling.  Om de kopers een ‘standing’ te waarborgen stelde de verkoper een aantal regels op die gevolgd dienden te worden door de kopers ; aard van de materialen, helling van het dak, hoogte van de hagen, rooien van bomen enz.  Die regels werden als een erfdienstbaarheid toegevoegd aan de aan de verkoopsakte. 

Toepassing in de praktijk

In de praktijk liggen de meeste percelen voor woningbouw in een verkaveling, de regels zijn goed gekend en kunnen gemakkelijk afgetoetst worden.  De vergunning wordt afgegeven door de gemeente in een termijn van drie weken tot anderhalve maand, de hogere overheid houdt toezicht (schorsingsrecht).

Quasi dezelfde situatie voor percelen gelegen in een BPA ; afgegeven door de gemeente in een termijn van drie weken tot anderhalve maand, met toezicht van de hogere overheid.

Voor zones die noch in een BPA, noch in een verkaveling liggen zijn de voorschriften veel minder duidelijk en wordt onderhandeld met de bevoegde ambtenaar, de provincie.  Bepaalde gemeentes zijn ontvoogd en hebben een eigen bevoegde ambtenaar.  Het vergunnen gebeurt met een termijn van ongeveer zes maanden.

Bouwovertredingen

Er is lang een redelijk laks beleid geweest in verband met bouwovertredingen, die periode is voorbij. 

Bouwovertredingen konden vroeger gemakkelijker geregularsieerd worden ; voor situaties waar gekende gegevens ontbraken kon een bestaande situatie van voor 1963 beschouwd worden als zijnde vergund. 

Nu dient bij een regularisatie uitgegaan te worden van de bewezen vergunde toestand en worden alle afwijkingen daarvan beschouwd als werken die vergund dienen te worden.  Een tweede wijziging is dat aangevraagd diende te worden waarbij min of meer rekening gehouden werd met de wetgeving bij de uitvoering van de bouwonvertreding ; nu dient een nieuwe vergunning aangevraagd te worden volgens de voorschriften van de nieuwste wetgeving.  Gezien de regelgeving snel evolueert voldoen de eerder gebouwde panden niet aan de nieuwe regels ; in de praktijk kan het voorkomen dat bijvoorbeeld het regulariseren van een niet-vergunde erker tot gevolg kan hebben dat het rioleringsstelsel aangepast moet worden, lastig en kostelijk.

As build-attest

Het gebouwd zijn conform met de bouwvergunning zal binnen kort geattesteerd dienen te worden.

Bomen

Het ontbossen of het rooien van bomen wordt beperkt ; bij het rooien dient een (beperkte) vergoeding betaald die gebruikt wordt om te herbebossen.  Voor de bouwaanvraag dienen alle belangrijke bomen opgemeten te worden ; exacte situering, stamdiameter op 1 meter hoogte, soort.

De regelgeving is van toepassing voor bestaande bossen, niet voor tuinen.  De boswachter bepaalt of het perceel al dan niet deel uitmaakt van een bos, ofwel wordt de vergoeding verrekend bij het verkavelen ofwel bij het bouwen van de woning.  Bij de aanvraag mogen in principe de bomen 10 meter rond de woning gerooid worden.  De gestrengheid hangt af van de boswachters.  Het rooien van bomen op zich is geen slechte zaak, bomenbestanden dienen vernieuwd te worden.  Als er teveel bomen gerooid worden blijven er geen bomen meer over en gaat ook het deel van de natuur dat samenhangt met de bomen verloren.

Brandvoorschriften

Brandvoorschriften hebben als doel de veiligheid van personen en het mogelijk maken van het redden.  Private eengezinswoningen zijn de enige gebouwen die niet onder toepassing van de voorschriften vallen. 

Hoofdzakelijk zijn het voorzieningen die getroffen moeten te worden voor uitgangen en voor het compartimenteren, het verdelen van het gebouw in zones waartussen brandoverslag beperkt wordt. 

De basisnormen maken een onderscheid tussen lage gebouwen (hoogste vloer tot 10 meter), middelhoge gebouwen (10 tot 25 meter) en hoge gebouwen (boven 25 meter).  Voor de drie types zijn er dezelfde voorschriften met een verschil in gradatie en strengheid.  In praktijk horen bijna alle gebouwen tot de categorie ‘middelhoog’.

Rookmelders

In alle nieuwe woningen en appartementen dienen rookmelders voorzien te worden, minimaal één per bouwlaag.

Riolering

Voor de riolering zijn er nu steeds drie aparte stelsels : een stelsel voor regenwater, een stelsel voor de aflopen van de WC’s en een stelsel voor de afvoeren van het andere sanitair water.  Afhankelijk van de omstandigheden zijn er verschillende behandelingen voor de verschillende soorten waters : septische put, vetvanger, mini-zuiveringsstation, regenwaterputten, bezinkputten, filters, toezichtputten bij de aansluiting aan de straat.

Nieuw is het keuren van de riolering voor de ingebruikname.

Regenwater

Het doel van de regelgeving is het vermijden van overstromingen ; het ‘hemel’water blijft zoveel mogelijk op het eigen perceel waar het door middel van een regenwaterput en een opvoerpomp met filters herbruikt wordt, door middel van een gebufferde verliesput in de bodem dringt.

Toegankelijkheid

De doelen zijn het levenslang wonen en het vermijden van het uitsluiten van personen met een beperking.  De belangrijkste beperkingen zijn het vermijden van niveauverschillen groter dan 2 cm, breedtes van gangen ter plaatse van deuren van 150 cm, veel grotere breedtes voor de deuren.

De regelgeving heeft een grote impakt.

Energieprestatieregelgeving

Op korte termijn is het doel energieneutrale woningen te bouwen.  Met een rekensoftware wordt het primaire energieverbruik, energieverbruik voor verwarming, berekend.  Gestaag worden de eisen verstrengd. 

De regelgeving is van toepassing op nieuwbouw, maar ook op panden waar de bestemming gewijzigd wordt.  Voor verbouwingen waar de bestemming behouden blijft dienen enkel de nieuwe delen te voldoen aan de nieuwe eisen. 

Het aanpassen van bestaande panden aan de nieuwe eisen vergt ingrijpende aanpassingen.  Bepaalde systemen kunnen nog eenvoudig ingebouwd worden : vervangen van ramen, isoleren dak, isoleren vloer boven kruipruimte, beperkte ventilatie.  Voor andere systemen zijn ingrijpender aanpassingen nodig : isoleren van muren, volledig ventilatiesysteem.  Een aantal systemen zijn alleen mogelijk bij quasi nieuwbouw : vermijden van koudebruggen, luchtdicht bouwen.

Akoestiek

De toepassing van de regelgeving in verband met akoestiek is recent.  Het meeste wordt rekening gehouden met de demping van luchtgeluid en contactgeluid tussen woningen onderling en tussen woningen en gemene delen.  De vernieuwingen zijn ingrijpend : rekening houden met de massa en de samenstelling van wanden en vloeren, wanden al dan rechtstreeks of verend op de betonplaat plaatsen en in functie extra wapening van de plaat voorzien.  Er zijn ook voorschriften voor de nagalmtijd in gangen en de demping van geluid tussen de woning en de buitenomgeving, daar zijn minder moeilijkheden om de eisen te bereiken.

 

 

 

Het aantal regels in België groeit, in essentie behoudt België nog een anarchistisch aspekt en blijft ook het regelen ongeregeld.  Alle regels worden gemaakt met goede intenties, na toepassing blijkt het behoud van de goede intenties een uitdaging die niet altijd waargemaakt wordt, de regels gaan een eigen leven leiden en ontwikkelen een eigen logica.